Willen jullie het overleggen in Farsi?

Hoi allemaal, ik doe onderzoek binnen het deelproject ‘school’. De afgelopen maanden heb ik gesproken met onze partners bij WereldKidz, Voila, Spaarnesant en Zonova. Vanuit onze samenwerkingen is besloten dat we initieel focussen op rekenonderwijs aan nieuwkomers. In een later stadium zullen we ons onderzoek uitbreiden naar kinderen met een 2e en 3e generatie migratieachtergrond.

Vier dagen in de week vindt mijn onderzoek plaats op de universiteit. Daar probeer ik zo veel mogelijk te leren over meertaligheid in het rekenonderwijs. Dit doe ik onder andere door veel te lezen en overleggen met collega’s en onze partners. De vijfde dag breng ik door als onderwijsassistent op basisschool De Hoogstraat in Leersum. Daar wordt onderwijs gegeven aan nieuwkomerskinderen die in het AZC wonen.

Ik probeer elke vrijdag op school iets te doen met de kennis die ik achter mijn bureau heb opgepikt. Ik leer voornamelijk over pedagogical translanguaging, wat inhoudt dat leerlingen worden gestimuleerd hun thuistaal te gebruiken tijdens het leren. We willen dit in de praktijk brengen zodat leerlingen zich meer thuis voelen in de les en meer kunnen meedoen aan klassengesprekken.

Zo deed ik een rekenles met groep 3 & 4. Meerdere leerlingen in de groep spraken Farsi. Eén van hen snapte de opdracht al, maar een andere leerling nog niet. Dus ik zei: “Willen jullie het overleggen in Farsi?”. Vier toegeknepen ogen staarden me aan. Misschien moest ik wat duidelijker zijn? “X, wil je het aan Y uitleggen in Farsi? Toe maar, praat maar in Farsi.” Nu zag ik een diepe frons. Op deze manier ervaarde ik dat niet alle ideeën ook in de praktijk even gestroomlijnd verlopen. Dit is enorm waardevol voor mijn onderzoek.

Gelukkig zijn er ook veel succesvolle meertalige momenten op school. Ik oefende het tellen tot 10 met een Syrische leerling. Ze was op dat moment niet gemotiveerd, het was moeilijk om contact te maken. Totdat ik hakkelend begon te tellen in het Arabisch. Ze sprong direct op en de rollen draaiden even om. Nadat ze mij had leren tellen tot 10, wilde ze het ook wel in het Nederlands proberen!

Dus soms lukt het direct, en soms is translanguaging moeilijker dan verwacht. Als het de eerste keer niet lukt, kunnen we daar ontzettend veel van leren. De vraag is dan: wat maakte precies dat het deze keer spaak liep? En hoe zorgen we dat het de volgende keer wél lukt?

– Lianne Stolte | l.e.stolte@uu.nl

Back